|
There are no translations available.
Abel Herzberg was de zoon van joods Russische emigranten. Hij studeerde rechten in Amsterdam en werd advocaat. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd hij o.m. geïnterneerd in het concentratiekamp Bergen-Belsen. Hij en zijn vrouw overleefden de kampen. Uit zijn huwelijk met Thea Loeb werden drie kinderen geboren, onder wie Judith, die later bekendheid kreeg als dichteres. Gedurende zijn gevangenschap slaagde hij erin een dagboek bij te houden, dat na de oorlog werd gepubliceerd onder de titel ‘Tweestromenland’.
Zijn werk werd, behalve met de P.C. Hooft-prijs, veelvuldig bekroond. In het Nederlandse publieke leven van na de Tweede Wereldoorlog was hij een controversiële figuur, die van zichzelf zei dat hij heeft ‘gewandeld op de bodem van de menselijke ziel’. In zijn werk staat de niet-oordelende geest en hier en daar het bewustzijn van Eenheid centraal. De onderstaande gedichten komen uit de novelle Drie rode rozen, Querido, Amsterdam 1978.
*
Fragment
Want alles is fragment
Al door het zeggen van het woord deelt men, scheidt men en schendt het alomvattende, dat men niet kent, dat ik aanwezig weet of alleen maar vermoed, dat ik niet uitspreken kan en toch uitspreken moet, dat mij beheerst en mij te luisteren gebiedt. Maar als ik zoek en luister, dan vind ik het niet.
Een troost blijft
Er is in ieder woord een woord, dat tot het onuitspreekbare behoort. Er is in ieder deel een deel van het ondeelbare geheel, gelijk in elke kus, hoe kort, het hele leven meegegeven wordt.
*
Alles wat wij zijn
Alles wat wij zijn, wat wij zien, ervaren, zeggen, beleven en doen is fragment. Maar er is geen fragment of de ziel van al wat leeft is daarin tot uiting gekomen. Er is geen moment zonder eeuwigheid. geen sterfelijk wezen, hoe mismaakt of welgevormd het ook mag zijn, waarin niet de onsterfelijke schepping is geopenbaard. Geen weldaad, geen misdaad, geen geest en geen stof, geen grens en geen duur of het is bestanddeel van de eenheid van het bestaan. Deze Eenheid is God, En wij, fragmenten als wij zijn en fragmenten die wij maken, zijn niet in staat hem in beeld of in woord en zelfs niet in gedachten te vatten. En wij verlangen dat - wij hunkeren ernaar. Wij zijn niet tevreden met het fragment, wij moeten de Eenheid beleven.
*
|