|
Chakrayoga – toelichting 3: de vormen van bewustzijn en het ajnasysteem |
|
|
|
bij hoofdstuk 3
Een primair bewustzijn heb je als je op directe wijze met de dingen in de wereld of in je geest bezig bent; je zit dan in die wereld; dit betreft dan vooral de ajna-aspecten 1 en 2. Een reflexief bewustzijn heb je als je enigszins afstand van de primaire wereld neemt en ernaar terugkijkt; dat is vooral bij ajna 5; bij 3 en 4 kan de reflectie meer of minder sterk zijn. Een focaal bewustzijn heb je als je je externe of interne blik scherp stelt op een object. Dat geldt ook voor het waarnemen met andere zintuigen (horen, voelen, ruiken, proeven). Dan is er in het waarnemen een geconcentreerde aandacht voor iets dat daar vóór je aanwezig is. Een zijdelings of lateraal bewustzijn is er, terwijl je focaal op iets bent gericht, voor andere dingen die buiten de focus (brandpunt) van je bewustzijn vallen, maar die op niet heldere wijze toch worden waargenomen, bijvoorbeeld de dingen die zich links en rechts in je blikveld aanwezig zijn. In alle vijf ajna-aspecten zijn beide vormen van bewustzijn mogelijk. Een inclusief bewustzijn is er als zich het laterale bewustzijnsveld zich zozeer zijwaarts uitbreidt dat jezelf erin wordt opgenomen. Er is dan geen focale concentratie meer. Er is inclusiviteit van jezelf; bewustzijn is daarom bewust-zijn. Ook kan er inclusiviteit zijn van de bewustzijnsstructuur focaal/lateraal; deze blijft dan op doorzichtige wijze aanwezig in je grotere open bewust-zijn. Ten slotte betekent dit ook een inclusiviteit van de objecten en je bewust-zijn. Het inclusieve bewustzijn is daarom een non-dualistisch bewust-zijn. Dit inclusieve bewustzijn kan zich ontwikkelen vanuit alle vijf ajna-elementen. Vanuit ajna met het mentale en het inzichtslichaam is er dan een overgang naar sahasrara met het causale of kosmische lichaam.
|