Advaitacentrum


Er is geen tweeheid

als je ontspannen bent
in zelf-bewustzijn
is dat duidelijk.

Nederlands (NL-BE)English (United Kingdom)
Home Studie en praktijk Poëzie en proza
  • 0
  • 1
  • 2
  • 3
prev
next

Chakrayoga

News image

  Douwe Tiemersma Chakrayoga  Yoga is de weg naar bevrijding van de beperkingen in alle onderdelen van het bestaan. Dit boek richt zich op de bev... lees meer

De bron van het zijn

News image

Nisargadatta Maharaj, De bron van het zijn ‘Wat was mijn toestand, voordat er ervaring was? Wie was er om op deze vraag te antwoorden?  …dat Ik dat ... lees meer

Non-dualiteit

News image

  Jij bent, ik ben dat licht, | licht dat overal zijn centrum heeft; | universeel stralen wij van binnenuit | onbeperkt de rijkdom | van het kleur... lees meer

Openingen naar Openheid

News image

    Als er een kleine bres in de dijk is, is de zee niet meer te houden.  Door ontspanning vallen grenzen weg en meteen is er vreugde.   Opening... lees meer

Ida Gerhardt (1905-1997) PDF Afdrukken

De gedichten van Ida Gerhardt worden veel gelezen. Dat is ook begrijpelijk. Ze schrijft over de natuur, vooral het rivierenlandschap van haar jeugd, de klassieke oudheid en diepgaande ervaringen. Ze schrijft op een creatieve, maar ook vrij klassieke wijze die bij velen een herkenning oproept. Onderstaande gedichten komen uit Hoefprent van Pegasus, Atheneum-Polak & van Gennep, Amsterdam 1996.

*
En volgend deze ronde in de nacht,
de cirkeling der wiggen om hun as,
nog tellende mijns ondanks èn alreeds
ervarende dat er geen tijd bestáát,
besef ik bij dit wijlen aan de grens
het raadsel van de hoge ouderdom:
het prijsgegeven zijn en alreeds vrij.
Het raken aan de zomen van het licht.

*

Het schip

Er kwam een schip gevaren;
het kwam van Lobith terug,
met grint en rivierzand geladen.
Het richtte zijn boeg naar de brug.
De scheepsbel was helder te horen,
de brugwachter kwam al in zicht;
een halfuurslag viel van de toren.
Het schip voer door schaduw en licht.
Met boegbeeld en naam kwam het nader,
De ophaalbrug ging omhoog;
een deining liep door het water
dat tegen de schoeiing bewoog.
Er stond een kind op de kade
- ik was het, ik was nog klein -
het had niets meer nodig op aarde
om volkomen gelukkig te zijn.

*
Het afscheid

Nu zwaarder worden der jaren last
verschijnt mij vaak een droomgezicht:
een haven waar een schoener ligt,
en ik: ik ben een varensgast.
En hoor: zij zingen al aan boord,
en taal wordt mij hun vreemde taal.
'Vaarwel, mijn liefste en mijn land;
ik ben het beste in het want.
Vaarwel, houdt mij geen ontrouw na;
ik ben het beste in de ra.
Vrienden, vaarwel! Ik ben het best
daarboven in het kraaiennest.'
Ik heb geen wensen meer: ik ben
een varensgast, en één van hen.
De horen meldt met grote stem
de afvaart en een nieuw begin.
De bootsman haalt de loopplank in.

*