38 - De levensbron gelukzalig

Het verschil tussen plezier, vreugde en genot enerzijds en gelukzaligheid anderzijds is dat de eersten een oorzaak hebben die buiten ons zijn gelegen of in het geheugen.
Gelukzaligheid is echter zonder oorzaak. Daar zit niet iemand in die gelukzalig is. Wat zich ook aandient in het geheugen, het lost onmiddellijk op in het grote Bewustzijn.
Plezier en genot hebben een begin en daardoor ook een einde. Het zijn tijdelijke verschijnselen, geheel afhankelijk van de omstandigheden.

Gelukzaligheid als Levensbron is voortdurend aanwezig. Het is de onbeweeglijke achtergrond van het leven waarin zich alles spiegelt en oplost.
Plezier en genot kennen hun tegenpolen in verdriet en pijn. Het persoonlijke leven bestaat uit een eb en vloed van vreugde naar verdriet en omgekeerd.

Gelukzaligheid als Levensbron is van een andere orde. Het bevat alles zowel de persoonlijke vreugde als het persoonlijke verdriet. Vreugde en verdriet worden meegenomen naar de overzijde waar ze in een onbeschrijfelijke overvloed totaal van karakter veranderen. Ze zijn er wel maar worden herkend als tijdelijke zaken van een zeer beperkte betekenis. De hechting wordt doorbroken waardoor oplossing plaats kan vinden .

Weten volkomen bij je zelf thuis te zijn. Alles in een onbeschrijfelijke overvloed ter beschikking te hebben. Niet als een iemand met een rijk bezit, maar begrijpend dat bezit alleen maar vastlegt en bindt. Dat is gelukzaligheid.
Het grootste geluk is het beseffen niets nodig te hebben. Het volkomen zonder enige twijfel begrijpen dat vrijheid het loslaten is van alle bindingen. Geen vrijheid voor de persoon maar bevrijd zijn van de persoon.

Deze gelukzaligheid is geen toestand van opwinding of extase maar een diep rustig begrijpen dat vreugde en verdriet voorbijgaande verschijnselen zijn die niet worden vastgehouden of worden ontlopen. In die aanvaarding ligt de diepe gelukzaligheid.

Wim


Er is geen tweeheid

als je ontspannen bent
in zelf-bewustzijn
is dat duidelijk.


  • De elf grote Upanishaden


    De Upanishaden vormen de grondslag van een groot gedeelte van de Indiase filosofie. Ze worden ‘Vedânta’ genoemd, dat is het einde en de culminatie van de Veda’s. De wijsheid die in de teksten naar voren komt is nog steeds een onschatbare bron, zowel in India als daarbuiten. Centraal staat daarin de visie en zijnservaring dat de kern van zelf-zijn identiek is aan de grondslag van wereld en universum.
    In dit boek is een groot gedeelte van de belangrijkste Upanishaden (8e-6e eeuw v.Chr.) opgenomen.

  • Psychotherapie en non-dualiteit

    De psychotherapie en oosterse bevrijdingstradities zoals advaita vedânta en boeddhisme hebben in de laatste jaren een steeds grotere belangstelling voor elkaar gekregen. Ze hebben elk specifieke noties en werkwijzen, maar overlappen elkaar voldoende om een vergelijking mogelijk te maken.
    In dit boek worden diverse westerse psychotherapeutische stromingen en twee bevrijdingswegen die van oorsprong respectievelijk hindoeïstisch (Advaita Vedânta) en boeddhistisch zijn, met elkaar geconfronteerd.

  • Mediteren leren

    Dit boek geeft een handleiding bij het leren mediteren voor beginners en voor de gevorderden die nog eens bij het begin willen beginnen. Het uitgangspunt is de spontane meditatie, die iedereen af en toe heeft. 

  • Openingen naar Openheid

    In dit boek zijn ruim 120 korte teksten verzameld die openingen bieden naar die openheid. Deze blijkt uiterst eenvoudig te zijn. De teksten zijn stukjes van leergesprekken, bedoeld als stimuli om de aandacht te richten op openheid, iets daarvan te laten zien en zo de realisatie van openheid een grotere kans te geven. Ze vormen samen de essentie van het onderricht in non-dualiteit.

Boeken

Douwe schreef en redigeerde gedurende zijn leven boeken. Via onze uitgeverij zijn deze nog verkrijgbaar.

Bekijk het aanbod