I. Dorren, Tocht door twee werelden. Gids voor het Tibetaans dodenboek


Mirananda, Den Haag 1985

1. DE TRIKAYA-LEER

Kaya (het gewaad, de sluier, lichaam; alles wat in de drie sferen wordt waargenomen is illusie, een spiegel van de eigen geest. Herkenning van dit illusoire karakter betekent bevrijding.
Dharma: de wet, de hoogste werkelijkheid zonder attributen, de vrijheid van illusie, non-dualiteit, alleen negatief aan te duiden
sambhoga: vreugde, vreugdevol ervaren; sfeer met alle attributen van de wereld in zaadvorm, in volmaakt evenwicht
nirmanam: de schepping, uit elkaar spatten in de 'tienduizend wezens'

Zo het ontstaan van de veelvormige wereld, door samentrekking en uit elkaar spatten; zo ook het zijn in de vorm van de trikaya's:
dharmakaya, sambhogakaya, nirmanamkaya.
De symbolen
1) dharmakaya: Boeddha Amitabha, de boeddha van het grenzeloze licht
2) sambhogakaya: de vijf dhyani-boeddha's
Boeddha Vairochana, de wijsheid van de werkelijkheid, blauw
Boeddha Vajra Sattva, de weerspiegelende wijsheid, wit
Boeddha Ratna Sambhava, de wijsheid der gelijkheid (evenwicht), geel
Boeddha Amitabha, de onderscheidende wijsheid, rood
Boeddha Amogha Siddhi, de alvervullende wijsheid, groen.
- Ook hier de goden van vrede en gramschap (resp. yang, de creatieve energie/gevoel en yin, de vormgevende kracht/het verstand).
3) nirmanamkaya: de hele wereld, maar speciaal de historische boeddha's en Padma Sambhava (lotus-geboorte), de geestelijke vader van het Tibetaanse boeddhisme.


2. DE YOGA-ANATOMIE

Het pranische lichaam;

Slechts drie chakra's genoemd:
het hartchakra, staat in verband met de vreedzame goden;
het keelchakra, in verband met de lotusgoden van kennisoverdracht (7e dag van Chönyid Bardo); en
het kruinchakra, in verband met de goden van gramschap (Heruka's; 8e-12e dag van Chönyid Bardo).


3. DE ZES LOKA'S

- de wereld van de goden; een bekende hemel is de toesjita-hemel, de hemel waaruit toekomstige boeddha's worden geboren, in de toekomst Maitreya.
- de wereld van de asura's ('geen-goden'), geweldige oerwezens, ongebreidelde
natuurkrachten die het zelfs tegen de goden durfden opnemen;
- de wereld van de mensen;
- de wereld van de spoken (preta's), overledenen die zich niet van de aarde kunnen
losmaken
- de wereld van de monsters
- de wereld van de helbewoners.


4. CHICKHAI-BARDO (3 1/2 dag)

De bardo van de duur van het sterven
Het sterfbedritueel is erop gericht het slangevuur naar buiten te laten breken. Een hulpmiddel is het drukken op de halsslagaders. De stervende wordt rustig en lucide. Eén ogenblik daagt het primaire heldere licht van dharmakaya. Daarin direct opgaan is het 'grote loodrechte pad'. Hierbij verdwijnt de dualiteit op slag. Of men de confrontatie met het heldere licht aankan, hangt af van de voorgeschiedenis (karma, oefening). Je moet de sprong aandurven. Wanneer dit niet het geval is: het secundaire licht, het licht door een bril van een 'stralende, illusoire natuur'. Hierin opgaan dan geen boeddhaschap, maar als bodhisattva terug. Plaats voor overgave aan een beschermend wezen: Chenrazee (Kwan Yin).


5. CHÖNYID BARDO (12 dagen)

Het bardo van het beleven van de werkelijkheid.
Dag 1: de goden van vrede, de dhyani-boeddha's, verschijnen (zie de sambhogakaya).
Vairochana met het blauwe licht van dharma-dhatu, de essentie van dharmakaya. Ook het primaire en het secundaire licht keren even terug. Naast het blauwe licht is er het flauwere licht van de deva's. Ook hiervoor kan men kiezen. Dan komt men in het rijk van de goden (devalokah). Vroeger of later zal men dan terug naar de aarde moeten.
Dag 2: Vajra Sattva. Steeds meer indirectheid van het eeuwige principe. Wit licht, tegenover het rookkleurige licht van de hel. Gaat men deze twee lichten voorbij, dan
Dag 3: Ratna Sambhava
Dag 4: Amitabha
Dag 5: Amogha Siddhi
Dag 6: De vijf contemplatieve boeddha's tegelijk, compleet met hofhouding; maar ook wat agressievere goden als Yama, de god van de dood (de goden van de gramschap); verschijnen van de zes werelden.
Dag 7: De kennisdragende goden, de Lotusgoden, roepen op naar de 'heilige paradijzen'; ook minder leuke ervaringen o.a. "sla dood." Het verlangen naar een moederschoot wordt sterker.
Dag 8 t/m 12e dag: Confrontatie met de eigen werkelijkheid die niet leuk is. Verschijnen van de goden van gramschap, de Heruka's met hun vrouwelijke metgezellen (Kroti Schaurima, de machtige, vertoornde moeder).
Dag 12: verschijnen van primitievere goden, ook met menselijk lichaam en dierenkop. Ook verschijnen de goden in een schrikwekkende vorm: Maha-kala en Dharma-Raja (zeer groot, hersens oplikkend, bloeddrinkend etc.).


6. SIDPA BARDO

The way of no return, want de overledene is al weer te vast in de dualiteit verstrikt geraakt. Het karma is te sterk. Er is een lichaam met tal van vermogens, zoals snelheid van de gedachte en helderziendheid. Maar ook het zien van het kwade in zichzelf; ook van de zes werelden
Tot op het laatst is er de mogelijkheid niet te reïncarneren; nu door meditatie op de eigen beschermende godheid, of door meditatieoefening in zien van illusie.
Vijf fasen: mysterieuze aantrekking van de moederschoot; visioenen van mannen en vrouwen die gemeenschap hebben; vaderhaat en moederliefde, of andersom; 4 en 5: zuigkracht van moederschoot.
Het sluiten van de moederschoot (geen reïncarnatie) in de respectievelijke fasen door
- meditatie op leraren en vasthouden aan zijn goede karma;
- achter de man die zijn vrouw bevruchtte de eenheid van de leraar der mensheid zien; achter de vrouw de Shakti zien;
- besluiten nooit meer te handelen uit 'bekoring of afkeer';
- het illusoire van het hele bestaan zien.
Het kiezen van de toegang tot de moederschoot
Wanneer de overledene zich instelt op zijn ideaal en alle mensen wil dienen, komt hij vanzelf in de juiste moederschoot.

In het algemeen
Een weg waarop men ten alle tijde de non-dualiteit kan bereiken, door opgaan in de betreffende sfeer of licht, door overgave en genade, door inzicht in het illusoire karakter van de verschijnselen, nl. als eigen scheppingen; doorgaande op de weg komt men steeds meer in de wereld van de dualiteit.
Nadruk op: zien dat alles illusie is en streven alle levende wezens te helpen.

[DT]




Er is geen tweeheid

als je ontspannen bent
in zelf-bewustzijn
is dat duidelijk.


  • Satsang

    Dit boek is een bloemlezing van satsangs gehouden door Douwe Tiemersma. Bijeenkomsten waarin hij als advaitaleraar de kern van het advaita inzicht doorgeeft.

  • Advaita Vedanta - de vraag naar het zelf-zijn

    De actuele vraag ‘wie we eigenlijk zijn’ was het onderwerp van een symposium aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op 18 september 2000, waarin vooral de oude Upanishaden en de Advaita Vedânta aan het woord kwamen.

  • Non-dualiteit - de grondeloze openheid

    Non-dualiteit is niet-tweeheid (Sanskriet: a-dvaita), de afwezigheid van scheidingen. Deze openheid vormt de kern van elke spiritualiteit en mystiek. Maar wat is non-dualiteit nu precies? Daarover gaat het nieuwe boek van Douwe Tiemersma. In zijn vorige boeken stond de non-dualiteit ook al centraal, maar nu laat hij stap voor stap zien wat non-dualiteit in de eigen ervaring betekent. Iedereen blijkt die ervaring te kennen en te waarderen.

  • Pranayama

    Dit boek is een praktische handleiding bij het beoefenen van pranayama. Alle onderdelen van de traditionele pranayama komen hierbij aan bod.

Boeken

Douwe schreef en redigeerde gedurende zijn leven boeken. Via onze uitgeverij zijn deze nog verkrijgbaar.

Bekijk het aanbod