Uit een Advaitagesprek met Douwe Tiemersma, 5 april 2003

Uit een Advaitagesprek met Douwe Tiemersma, 5 april 2003 op de Hoorneboeg,
deel 3
 
Het open blijven van dat wat vooraf gaat aan vormen
 
(Bezoeker) Ik merk dat wanneer ik naar het geluid van dat vliegtuig luister, ik niet eens weet dat het ‘t geluid van een vliegtuig is. Ik hoor iets, maar ik kan er niet over praten. En wanneer ik mezelf niet meer lokaliseer als zittend op een stoel in dit lichaam, dan wordt het totaal ...
(Douwe) Leeg. Herken de verschillende niveaus. Blijkbaar is er een diep niveau met een sfeer waarin geen herkenning is van het geluid als het geluid van een vliegtuig, zelfs niet meer van het geluid als geluid.
 
Ik begrijp niet dat je dan nog in de wereld kunt functioneren, dat je dan niet gaat dwalen of zo.
Als je daar helemaal in duikt, je zwaartepunt helemaal daarnaar laat verschuiven, je helemaal daarin terugtrekt, is er geen functioneren meer in de wereld. Zie maar naar de diepe meditatie. Wat er verder gebeurt, kan verschillend zijn: of  je vliegt door, of de wereld komt terug.
 
En als je doorvliegt, dan is het einde verhaal.
Dat verhaal bestaat dan al lang niet meer. Hier gaat het er om al die verschillende niveaus te herkennen. Dat die sfeer van stilte of stille weerspiegeling open blijft als zelf-zijn. Dan mag alles best terugkeren.
 
Dan blijft alles direct, zonder lange verhalen en zonder vragen?
Er blijft een stil weerspiegelen. Verder niets - punt.
In dat weerspiegelen kunnen allerlei geleerde dingen een rol spelen, bijvoorbeeld de kennis dat het een vliegtuig is, maar de diepte van het ondefinieerbare blijft open en de vaststellingen blijven direct. Die open diepte blijft. Daarom blijven de verschijnselen betrekkelijk. Daarbij blijft er de herkenning van die diepte als zelf-zijn. Als die diepte er niet is, blijf je in de golven van de gebeurtenissen zitten die zintuiglijk en denkmatig worden ervaren.
 
Er zijn twee vragen die bij me opkomen omdat de taal me zo verwart. Bedoel je met stilte de afwezigheid van geluid?
Ook de afwezigheid van drukte, van bewegingen, van de dingen, van het denken, enzovoort.
 
Hoe zit het met iemand die doof geboren is?
Iemand die doof is, heeft nog allerlei andere zintuigen die informatie leveren en er is denken. De geest heeft dan ook wervelingen. Waar het werkelijk om gaat, is het open blijven van wat vooraf gaat aan de vormen van ervaring, denken, enzovoort, en Dat herkennen als jezelf.
 
Dan heb ik nog een vraag: zit in elke ervaringsvorm de stille getuige?
Ja.
 
Het is dus mogelijk om vanuit de meest grofstoffelijke vorm de overstap te maken naar die getuige?
Ja.
 
Waarom is dat zo ontzettend moeilijk? Hoe kun je die andere kant opgaan?
Dat kun je bewust leren kennen. Ik geef wat aanwijzingen om iets daarvan te ervaren. Er kan werkelijk een verschuiving van je zelf-zijn plaatsvinden, van je eigen identiteit. Wanneer je identiteit helemaal vast zit in je lichaam, is er weinig te herkennen van die stille getuige. Maar, de ervaring daar is ook de basis waarop je dat getuige-zijn kunt herkennen. In elke gewone situatie zit iets beschouwelijks, een weet hebben van de eigen situatie. Als dat zich verder ontplooit - en dat doet het regelmatig - blijkt de diepte van het beschouwen, het gewaar zijn, geweldig ver door te gaan, in de sfeer van zelf-zijn. Als iemand die hiervoor gevoelig is meegaat met de aanwijzing, kan er een directe herkenning plaatsvinden: inderdaad, Dit was er altijd al.
 
Het is natuurlijk geweldig aantrekkelijk wat je zegt: je trekt je terug op dat stille bewustzijn en dan kun je je denken helemaal deleten, je programma’s net als op de computer helemaal deleten, en vanuit dat stille bewustzijn leven.
In die stilte kunnen de programma’s van het leven rustig doorgaan, maar dat is niet erg. Dus, het gaat inderdaad over het werkelijk alles loslaten. Maar, als dat plaatsvindt en als je dat herkent, hoort daarbij dat je niets afweert van wat er van de wereld terugkomt. Het is niet alleen een je terugtrekken.


Er is geen tweeheid

als je ontspannen bent
in zelf-bewustzijn
is dat duidelijk.


  • Non-dualiteit - de grondeloze openheid

    Non-dualiteit is niet-tweeheid (Sanskriet: a-dvaita), de afwezigheid van scheidingen. Deze openheid vormt de kern van elke spiritualiteit en mystiek. Maar wat is non-dualiteit nu precies? Daarover gaat het nieuwe boek van Douwe Tiemersma. In zijn vorige boeken stond de non-dualiteit ook al centraal, maar nu laat hij stap voor stap zien wat non-dualiteit in de eigen ervaring betekent. Iedereen blijkt die ervaring te kennen en te waarderen.

  • Openingen naar Openheid

    In dit boek zijn ruim 120 korte teksten verzameld die openingen bieden naar die openheid. Deze blijkt uiterst eenvoudig te zijn. De teksten zijn stukjes van leergesprekken, bedoeld als stimuli om de aandacht te richten op openheid, iets daarvan te laten zien en zo de realisatie van openheid een grotere kans te geven. Ze vormen samen de essentie van het onderricht in non-dualiteit.

  • Naar de Openheid

    De teksten in dit boek zijn geschreven op basis van gesprekken gehouden te Gouda, aangevuld met enkele gedichten en korte teksten met illustratie. 
    Als uitgangspunt dienen steeds bekende gegevens en situaties, waarin verwijzingen zitten naar dat wat niet te beschrijven is, maar dat hier Openheid wordt genoemd.

  • Advaita Vedanta - de vraag naar het zelf-zijn

    De actuele vraag ‘wie we eigenlijk zijn’ was het onderwerp van een symposium aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op 18 september 2000, waarin vooral de oude Upanishaden en de Advaita Vedânta aan het woord kwamen.

Boeken

Douwe schreef en redigeerde gedurende zijn leven boeken. Via onze uitgeverij zijn deze nog verkrijgbaar.

Bekijk het aanbod