Hartmeditatie


In: InZicht. Wegen van radicaal zelfonderzoek 2 nr. 4 (dec. 2000), p. 44-45

Word je bewust van jezelf, zoals je zit. Stel vast welke indrukken en gevoelens zich voordoen in je lichaam ... Probeer te ervaren welke plaats je vooral inneemt in je lichaam, de plaats van waaruit je naar de wereld kijkt ... Is deze plaats in je hoofd? In het Westen zitten mensen vooral in hun hoofd geconcentreerd. Vaak zit je daar te denken en van achter je ogen naar de wereld te kijken. Dat betekent dat jezelf in je hoofd bent geconcentreerd. Je kunt dit heel duidelijk zo ervaren. Wanneer je in je hoofd zit te denken, ben je voor een groot gedeelte de andere niveaus van je lichamelijke bestaan vergeten.

Stel vast: bij de bewustwording van het concentratiepunt in het hoofd is dit punt een objectpunt geworden, is het geobjectiveerd. Je bent je het op een afstand bewust.
Keer nu zelf helemaal naar binnen, naar dat punt en kijk van daaruit weer naar buiten door de gaten van je ogen ... Laat je dan zelf langzamerhand naar beneden zakken, naar de hoogte van je keel en je mond. Je kunt nu letterlijk door je mond naar buiten kijken. Je hebt je eigen zwaartepunt verlaagd, naar beneden verlegd ... Je kunt nu verder naar beneden gaan tot de hoogte van je sleutelbeenderen. Merk op wat er gebeurt. Je kunt letterlijk daar aanwezig zijn en van daaruit naar buiten kijken. Let ook op de gevoelens.

Ga nog verder naar beneden, laat je naar beneden zakken in de richting van het hartgebied. Richt je aandacht op dit gebied en stel vast wat voor gevoel daarin aanwezig is. waarschijnlijk ervaar je een speciaal gevoel, een bepaald hartgevoel ... Laat je dan zakken in dat hartgebied. Je ziet dan de wereld vanuit je hartstreek. Je wordt je bewust van het hele hartgebied, van de hele sfeer van het hart. Ga daar steeds meer in rusten, in wonen. Dat betekent dat je alles laat voor wat het is en steeds meer opgaat in dat hartgebied. Daar ontspan je je steeds meer. Het hartgevoel wordt langzamerhand sterker. Vrijwel altijd is dat een gevoel van smelten, vloeibaar worden. Ga daar steeds meer naar binnen. Je zit in die hartsfeer en daar gaat alles smelten, daar wordt alles vloeibaar. Dat betekent dat jezelf vloeibaar wordt. Laat je werkelijk daarin zinken, in die vloeibaarheid, daar waar alles smelt. Wanneer het enigszins lukt om je daarin te laten verzinken, betekent dat een geweldige ontspanning en een loslaten van je 'ik'. Dat 'ik' is een brokje spanning, meer is het niet. Wanneer het daar in dat smeltgevoel komt en mee gaat smelten, dan komt het vrij, dan kom jij vrij. Dat betekent een hele diepe ontspanning. In dat gevoel lost het ik op en stroomt mee: er is een overweldigend stromen, een overstromen, naar buiten stromen.

Wanneer het gevoel sterker wordt, is er niet alleen het element water, het vloeibare, maar ook het element vuur, de warmte en het licht. Dat straalt naar buiten. Het is een energie, want het is een voortgaand trillen, een golven van vuur. Het is heel dynamisch. Let verder op de kwaliteit van deze gevoelsmatige energie. Er kan een knagend gevoel zijn met een aspect van verlangen er in. Verlangen is naar buiten gericht. Er zit een tendens in om groter te worden. Je kunt, als dit lukt, naar de kleur kijken of in eerste instantie de kleur rood voor te stellen. De energie heeft een hele warme rode kleur. Blijf daar binnen zitten kijken. Van binnen ben je je dit alles bewust.

De energie heeft de tendens zich te ontwikkelen. Kijk maar, voel maar. Zij kan zich naar voren uitbreiden, dus voor je borstkas uit naar buiten toe. Laat het maar naar voren golven. Terwijl je op hetzelfde niveau zit, kun je proberen dit heel duidelijk te voelen en ook heel precies te zien. Dan kan de energie zich ook uitbreiden naar links toe. Laat dit vanuit je gevoel plaatsvinden en probeer het te zien. Je kunt de energie ook laten uitbreiden naar rechts toe. De golven van de energie gaan naar buiten toe aan de rechter kant van je romp ter hoogte van het hart. En dan gaan ze ook naar achteren toe. Het is een rode dynamische sfeer die zich voortzet in alle richtingen. Je zit nu in een veel ruimere sfeer van rode hartenergie. Ga daar nu nog veel meer in, in die sfeer naar binnen. Laat je daar nog meer in verzinken, als in een warme oceaan. Hoe meer je dat doet, hoe meer die sfeer van het hart zich uitbreidt, hoe grootser die wordt. Hoe meer je daarin komt, hoe meer je ook kunt loslaten. Dat betekent dat je al je centrumgerichte en op andere dingen gerichte krachten loslaat. En als je dat doet, breiden de grenzen zich eindeloos uit, want je houdt je grenzen niet vast. Houdt je grenzen niet vast! Als hartenergie breid je je eindeloos uit naar voren toe, naar links, naar recht, naar achteren toe, oneindig naar onderen toe, naar boven toe. Zo komt alles in de sfeer van het hart terecht. Daarin wordt alles in liefde geaccepteerd en opgenomen. Zelf houd je niets vast, dus het is een overgave van jezelf. Geef je zelf over aan die sfeer van liefde. Je kunt je er heel vertrouwd voelen, heel veilig, ook al strekt die sfeer zich oneindig naar alle kanten uit.

De hartenergie laten uitbreiden en daarin gaan wonen is een vreugdevol gebeuren. Het is een prachtig gebeuren. Er ontstaat een groot geluk juist door het vrijkomen van je beperkende vaste vormen en door je verbonden zijn met alles. Er zijn geen scheidingen meer. Duik steeds meer in die oceaan van rode energie, van liefde, van geluk ... Wanneer er weer vormen optreden die met jezelf te maken hebben, wanneer je weer een bepaald centrum vormt van denken en zien, zul je je er bewust van kunnen zijn dat het stollingen zijn, verhardingen, waaruit je kunt terugkeren. Laat je dan weer helemaal zakken in de oceaan van hartenergie. Ervaar dan hoe de golven van hartenergie alles weer zacht maken, alles weer oplossen. Deze golven blijven doorgaan, deze oceaan van liefde blijft maar golven. Elke keer, wanneer er weer een stolling optreedt, wanneer bepaalde vormen van je zelf ontstaan, kun je de golven alles laten doorspoelen en weer laten oplossen, zodat alles weer vloeibaar wordt.

Je adembeweging bevindt zich ook nu op hartniveau. Bij je uitademing kun je de liefdesenergie laten uitstromen naar alle andere wezens. Adem zo uit, dat zij worden opgenomen in de hartsfeer. Laat bij de inademing de hartenergie weer terugstromen. Die golft weer terug en lost de resten van het ik, van je harde zelf, verder op. Bij de uitademing spoelt die energie weer uit naar alle kanten. Wat ervaar je? Waarschijnlijk een overgave van jezelf, omdat je de energie niet voor jezelf houdt. Met de inademing komen de golven terug en spoelen alles schoon. Laat dus de laatste resten van het ik daarin oplossen. Laat die los, laat die meegaan. Laat het in het grote geheel maar gebeuren.

Nu word je je intern bewust van de oneindigheid, van de oneindige ruimte van hartenergie. Het is de ruimte van je zelf zonder vormen, het is de ruimte van je Zelfzijn, waarin je gelukkig bent. Jij bent de kosmische ruimte waarin je nergens meer iets kunt aanwijzen dat op je ik slaat: Dat ben Jij. Als er weer vormen ontstaan, worden ze weer opgelost in het grote geheel. Laat je daar nog steeds meer in verzinken. In eerste instantie, ga je kopje onder. In tweede instantie, laat je alle vormen los en word je je van binnenuit bewust van die oneindige ruimte, die oneindigheid van Zelfzijn. Herhaal dan je eigen mantra of een algemene mantra. Die mantra wordt zo groot als die hele oneindige ruimte ... Blijf in deze open sfeer. Laat deze sfeer voortbestaan, ook wanneer je je ogen open doet.


Er is geen tweeheid

als je ontspannen bent
in zelf-bewustzijn
is dat duidelijk.


  • Pranayama

    Dit boek is een praktische handleiding bij het beoefenen van pranayama. Alle onderdelen van de traditionele pranayama komen hierbij aan bod.

  • Naar de Openheid

    De teksten in dit boek zijn geschreven op basis van gesprekken gehouden te Gouda, aangevuld met enkele gedichten en korte teksten met illustratie. 
    Als uitgangspunt dienen steeds bekende gegevens en situaties, waarin verwijzingen zitten naar dat wat niet te beschrijven is, maar dat hier Openheid wordt genoemd.

  • De elf grote Upanishaden


    De Upanishaden vormen de grondslag van een groot gedeelte van de Indiase filosofie. Ze worden ‘Vedânta’ genoemd, dat is het einde en de culminatie van de Veda’s. De wijsheid die in de teksten naar voren komt is nog steeds een onschatbare bron, zowel in India als daarbuiten. Centraal staat daarin de visie en zijnservaring dat de kern van zelf-zijn identiek is aan de grondslag van wereld en universum.
    In dit boek is een groot gedeelte van de belangrijkste Upanishaden (8e-6e eeuw v.Chr.) opgenomen.

  • Meditatieboekje

    Korte teksten die je meenemen naar openheid

Boeken

Douwe schreef en redigeerde gedurende zijn leven boeken. Via onze uitgeverij zijn deze nog verkrijgbaar.

Bekijk het aanbod